Verleiden en Overtuigen. Maar wie?

Stel je voor. Je zou enkele jaren achtereenvolgens zweven op een wit wolkje boven Nederland.

Vanuit dat wolkje zou je zien en horen wat ons bezighoudt, waar we voor leven, hoe we met elkaar omgaan, wat we tegen elkaar zeggen en waar we ons druk over maken. Zou je dan zien dat er (groepen) mensen zijn die bijvoorbeeld hoofddoekjes vervelend vinden, mensen die immigranten als kansloos beschouwen of een toenemend wantrouwen hebben in het samenleven met elkaar? Mensen die het onterecht vinden dat er ontwikkelingsgeld vanuit ons land naar bijvoorbeeld Afrika gaat? Zouden deze mensen zich daarna gehoord voelen door een politicus en zijn beweging die die hier ook tegen strijdt? Een politicus die via trucs en taalgebruik de media bespeelt en bezighoudt, zonder verantwoording af te leggen of in gesprek te gaan? Of misschien vinden zij dat verantwoording afleggen niet nodig is, omdat bepaalde gevoelens al genoeg worden beantwoord door de politicus. Mensen die vragen om tekst en uitleg, ‘begrijpen het gewoon niet’. Zou het zo zijn dat er mensen zijn die anderen veroordelen, zonder zich af te vragen of ze de ander goed genoeg kennen en zich afvragen in hoeverre ze daar met recht iets over kunnen zeggen en vinden? Over wie dan ook? En hoewel het sinds de Tweede Wereldoorlog bij wet is verboden om mensen te registreren en te beoordelen op basis van afkomst, blijken groepen mensen te vinden dat het goed is dat dit aspect terug komt in Nederland. En mensen die een duidelijk beeld hebben van ‘onze straat’, zien het straatbeeld veranderen en voelen zich gehoord door een politicus die dit ook niet wil.

Of zou het zo zijn dat je, al zwevend op dat witte wolkje boven Nederland, op een gegeven moment een politicus hoort en ziet. Een politicus die bepaalde woorden in de mond neemt, bepaalde karikaturen schetst en daarmee laat zien: het is oké om je op een bepaalde manier te uiten, om de ander voor ‘freak’ uit te maken of bepaalde mensen te betitelen als ‘straatvervuiling’. Dat het niet erg is om dat te doen. Een politicus die laat zien dat je geen rekening hoeft te houden met beschaafdheid of sociale omgangsvormen. Alleen wanneer je dat goed uitkomt, maak je daar gebruik van. Bijvoorbeeld wanneer macht lonkt. Op andere momenten is het aanvaard te stigmatiseren, eventueel weg te lopen of niet op te komen dagen. Dat is oké. Je hoeft de ander niet te leren kennen, als je niet wilt. Je mag hem wel veroordelen, als je hem niet kent. De politicus wil etnische registratie ook gewoon weer invoeren, ‘doen we niet moeilijk over’. Hoeft u ook niet te doen, dus lig er maar niet wakker van. Zouden mensen zich hier vervolgens in kunnen vinden om verschillende redenen en daarom op hem stemmen?

Maar wellicht valt vanuit dat wolkje ook nog wel iets anders op. Wellicht zie je dat er meer en meer sprake is van een mediacratie in Nederland, waarbij degene die de macht heeft om via de media de publieke opinie te beïnvloeden, regeert. En is het de media die de stemming in het land versterkt, boodschappen vergroot en slechts dat publiceert en laat zien, wat opvallend is. Leedvermaak, spanning, adrenaline. De politicus kent goed de weg in het medialandschap. Omdat bepaalde kranten, programma’s en journalisten hem bijvoorbeeld zouden ‘demoniseren’, ontwijkt en vermijdt hij hen, waarmee hij wellicht sympathie wekt bij anderen. En bespeelt hij de media (en iedereen die de media volgt) met bepaalde termen en acties, om vervolgens iedereen dáár dagen over te laten spreken en schrijven: zelfs in de kranten en programma’s waar hij niet komt. Hoe hij de publieke opinie beïnvloedt, is dan nog de vraag. Wellicht dat mensen denken ‘hij heeft wel een punt’ of vinden dat het zijn recht op een vrije mening is, die wordt bekritiseerd. Of misschien hebben mensen medelijden met hem, omdat hij wordt bedreigd of door anderen wordt bekritiseerd.

Hoe ontwar je dit complexe geheel en tot wie zou je je vervolgens wenden om een verandering op gang te willen brengen? Is het de politicus. De persoon die op hem stemt. Of de media. Wie moet je verleiden en overtuigen?


2 thoughts on “Verleiden en Overtuigen. Maar wie?

  1. He Kris,

    Goed stuk man!!
    Weet je wat ik niet goed begrijp? dat na de verkiezingen de grootste partij eerst moet praten met de grootste winnaar. Democratie is toch: de meeste stemmen gelden, dus waarom gaat de grootste partij niet direct praten met de nummer twee en drie en evt vier? Dan heb je toch de grootste groep kiezers achter je?

    Groeten.

  2. Hé Richard, dankjewel!

    Ik las in de krant ook de vraag waarom de PVV met 24 zetels meer recht zou hebben op regeringsdeelname dan de PvdA met 30 zetels? In een systeem van representatieve vertegenwoordiging zou de voorkeur moeten uitgaan naar de PvdA. Nee, zeggen de partijen: de winnaars zijn aan zet. Die mogen als eerste een regering vormen. Dat weerspiegelt immers de trend onder kiezers. Maar wat is het winst- en verliessaldo van een rechts kabinet versus Paars-plus? VVD (+10), PVV (+15) en CDA (-20) winnen opgeteld vijf zetels. VVD (+10), PvdA (-2), D66 (+7) en GroenLinks (+3) winnen er bij elkaar achttien’..

    Ik ben benieuwd hoe het verder gaat.

    groeten
    Kris

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s